Stichting Museumpeil verwelkomt Annelore Scholten als nieuwe voorzitter!

Zij studeerde Franse Literatuur (Universiteit Utrecht) en kunstgeschiedenis (Universiteit Leiden). Annelore werkte jarenlang in de culturele sector, onder meer als hoofd van de provinciale en stedelijke Kunstuitleen Utrecht en bij Internationale Zaken van de gemeente Utrecht. In 2008 stapte zij over naar de museale wereld, als hoofd Publiek, Educatie en Presentatie bij Rijksmuseum Boerhaave in Leiden. Zij was lid van het managementteam en de laatste zeven maanden interim-directeur-bestuurder. In september 2025 nam zij afscheid van Boerhaave. Toen kreeg ze een koninklijke onderscheiding en werd zij Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Scholten is bestuurslid van Stichting Ocean Film Productions, lid van de Raad van Toezicht van Natuurmuseum Brabant, lid van de Raad van Toezicht van het Literatuurmuseum/Kinderboekenmuseum en bestuursvoorzitter van Kerken Kijken Utrecht.
Annelore vertelt enthousiast over haar werk in Boerhaave: ‘Toen ik aantrad ontving het museum jaarlijks 40.000 bezoekers, was de vaste opstelling klassiek chronologisch, waren hands-on en interactieve onderdelen ver te zoeken en stond de educatie in de kinderschoenen. Na succesvolle aanpassingen voor gezinnen met kinderen werd in 2016/2017 de vaste opstelling opnieuw ingericht, met vijf thematische zalen en een multimediale introductie in ons Anatomisch Theater. In 2019 kreeg Boerhaave de European Museum of the Year Award. De afgelopen zeven jaar werden de tentoonstellingen actueler en relevanter voor een breed publiek. Het museum ontvangt nu jaarlijks meer dan 100.000 bezoekers, inclusief ruim 25.000 scholieren. Nieuwe ambities kondigen zich aan om Boerhaave nog steviger te positioneren als het rijksmuseum voor de wetenschap en de geneeskunde.’
Over haar benoeming en ambitie bij Museumpeil zegt Annelore: ‘Mijn ervaring met tentoonstellingen en educatie, en mijn netwerk in de museale wereld zet ik heel graag in om ervoor te zorgen dat Museumpeil voor de museale sector actueel en relevant blijft.’