Langs de Groningse Waddenkust werken zes musea samen om het verhaal van het leven in de afgelopen 2500 jaar in die regio te vertellen. Van de eerste wierden via middeleeuwse monniken tot de borgbewoners van de achttiende eeuw. Een enquête deze zomer wees uit dat de bezoekers die gezamenlijke aanpak waarderen. Ruim 90 procent ziet de meerwaarde van deze samenwerking en 70 procent zegt ook een van de andere vijf musea te willen bezoeken. Maar liefst 98 procent ervaart het bezoek als goed of uitstekend.
Menselijke maat
Een opvallende uitkomst is het antwoord op de vraag wat het bezoek bijzonder maakte. Dat is meestal niet een voorwerp of een zaal, maar het contact met de mensen van het museum. De gids die uitleg geeft, een vrijwilliger die de geschiedenis tot leven brengt. De mensen van het museum maken het verschil. Het feit dat dit kleinere musea zijn is hun grote kracht. Juist de menselijke maat maakt het bezoek tot een persoonlijke ervaring.
Bezoekers van morgen
Tijdens de nationale Toerisme Top in Groningen vorige week was het thema ‘Waarde voor morgen’. Welke ervaringen zoekt de bezoeker van morgen? Mensen zijn op zoek naar authenticiteit. Met de antwoorden van de enquête in de hand weten de medewerkers van de samenwerkende musea dat ze op het goede spoor zitten. Ze vertellen het verhaal van de 6 locaties en het landschap waarin dat verhaal is ontstaan op een persoonlijk manier. Zo laten ze de bezoekers de geschiedenis ervaren.
Bij de foto: Kloostermuseum-Aduard, Foto: Stella Dekker